Tanding meten: tellen over twee centimeter
In de doos van de buurvrouw zaten twee exemplaren van dezelfde oude frankeerzegel: zelfde kleur, zelfde waarde, zelfde beeld. In de catalogus die ik bij de bibliotheek leende, stonden voor die zegel twee nummers met een flink verschil in waarde, en het enige onderscheid was de tanding. Dat was het moment waarop ik een tandingmeter kocht, een doorzichtig kaartje met rijen stippen waarmee je meet hoeveel tandjes er op twee centimeter rand passen.
Meten gaat zo. De zegel ligt met de beeldzijde naar beneden op een donkere ondergrond, zodat de gaatjes licht afsteken. Ik schuif de meter langs de bovenrand tot de stippen over de hele lengte precies in de gaatjes vallen, en lees het getal naast die rij af. Daarna hetzelfde voor een zijkant, want boven en opzij kunnen verschillen. Mijn twee zegels: de ene meet 12½ rondom, de andere 13½ boven en onder en 12¾ aan de zijkanten. Die tweede hoort bij het duurdere nummer. Met het blote oog zie je het verschil niet, met de loep alleen als je weet waar je moet kijken.
Onderweg leerde ik ook iets over hoe de gaatjes in het vel zijn gekomen. Bij kamtanding worden drie zijden van een rij zegels in één slag geponst, en sluiten de hoeken netjes en regelmatig op elkaar aan. Bij lijntanding gaat elke rij apart over het vel, en kruisen de lijnen elkaar in de hoeken vaak net scheef, met een rafelig of dubbel gaatje als gevolg. Dat is een tweede aanwijzing naast het getal.
Waar ik me vergiste: de eerste avond heb ik een stuk of dertig zegels gemeten terwijl ze nog in hun klemstrook zaten, met de meter op het plastic. Door de folie heen kijk je net onder een hoek, en dat scheelt al snel een kwart. Vier zegels die ik als de zeldzamere variant had genoteerd, bleken bij nameting gewoon de gangbare. Nu meet ik alleen losse zegels, met de pincet en nooit door folie heen.
Nog twee dingen die ik nu weet. Zegels uit een postzegelboekje hebben vaak een of twee rechte kanten zonder tanding; dat is geen beschadiging, maar ze hebben wel een eigen nummer. En een korte tand, een tandje dat half is afgescheurd, zie je pas goed onder de loep. Zulke zegels gaan niet in het album, maar in een zakje voor de ruiltafel.